Kijk daar loopt Bammetje! (deel 5)

Het is zo ongelofelijk grappig, dat er steeds meer mensen mijn blogs lezen; Ik hoor veel positieve geluiden, zo van: ik verheug me alweer op de volgende!
Dat vind ik superfijn om te horen. Laat ik dan maar gewoon dom doordoen!
Er wordt me ook gezegd dat ik naast deze blogs ook moet gaan vloggen……….. wie weet……..
Eerst nog maar een tijdje door bloggen.

We zijn nog steeds in het plaatsje Moncofar,
een dorpje in de buurt van Valencia, met de hele familie lekker vakantie aan het vieren.
We waren er inmiddels zo goed ingeburgerd dat mijn broer Bam ( Roberto werd hij daar genoemd, z’n officiële naam is namelijk Robert Jan),  toen 17 jaar, met een stel vrienden in de kroeg zat; Die avond zou de opening zijn van het jaarlijkse patroonfeest, Semana Santa, van Heilige Maagd Maria Magdalena; Die vrienden zaten allemaal bij de Marine en zij zouden die avond Maria op hun schouders dragen tijdens de voor de inwoners zo belangrijke processie door het dorp.
Voordat mijn broer het wist, had hij ook een matrozenpak aangemeten gekregen, want wat bleek: om zo’n beeld te kunnen dragen waren er 8 man nodig, maar vlak voor de processie viel er eentje uit. Ze vonden Roberto een prima 8ste man. Dus moesten ze snel kijken of er ergens een juiste maat matrozenpak te scoren viel.

In die tijd waren er nog geen mobiele telefoons,
dus Bammetje/ Roberto kon mijn ouders niet bellen om te vertellen dat hij over een uurtje Maria op z’n nek had.
Bam wist wel dat wij sowieso zouden komen kijken, omdat dat echt een hoogtepunt voor zo’n dorp is, en wij zouden Bam daar wel ergens treffen, dachten wij, maar de werkelijkheid was verrassend.
Ondertussen had Bam een pak aan wat paste, kreeg nog snel summiere instructies en dan zou het wel loslopen.

Oké daar gaan de mannen… Maria ophalen in de kerk;
Buiten staat een enorme menigte in afwachting van Heilige Maria Magdalena en van mijn broer natuurlijk hahaha!
Helaas werd er niet gekeken naar de lengte van de jongens, met het gevolg dat mijn broer die linksachter werd geplaatst, ook het werk deed van degene die rechts van hem liep, die was nl. veel langer dan mijn broer zodat hij het hele gewicht van Heilige Maria op zijn schouder kreeg voor z’n gevoel.
Maria had duidelijk niet van Weight Watchers gehoord, want hij had het er aardig zwaar mee.
Ook al viel het niet mee in die zinderende hitte, het was een ongelofelijke eer om dit te mogen doen, en dankzij de adrenaline was de tocht van drie kwartier door de straten van het dorp een fantastische belevenis.

Mijn ouders, die er van uit gingen dat mijn broer ergens rondliep in het dorp, maakten zich klaar samen met ons om naar de processie te gaan.
Eenmaal daar aangekomen, vinden we een plekje om de optocht te aanschouwen, met niet alleen het indrukwekkende Maria beeld maar ook allemaal van die beeldschone donkere kindjes in strakke communie kledij, prachtige hofdames en de harmonie er achteraan.

Wij staan daar niets vermoedend als Maria met ‘haar matrozen’ langskomt;
We zien de vrienden van mijn broer maar huh……. wacht even…….  onze eigenste Roberto liep er ook bij.
Wij waren zooo ongelofelijk verbaasd en konden er totaal geen chocola van maken hoe die jongen dat plekje bemachtigd had, omdat dat een behoorlijke ‘erebaan’ was.
Hij kon ons uiteraard niets vertellen op dat moment, ik zie het al voor me:
‘Even hier stoppen mannen, moet even mijn ouders bijpraten’. Hahaha!
Alsof we water zagen branden. Maar mijn broer bleef netjes in zijn rol, en passeerde ons met een hele serieuze katholiek blik.
Ik weet nog wel dat ik heel trots was dat ik mijn grote broer daartussen zag lopen.

De volgende dag zou Maria Magdalena gezegend worden op het strand,
beter gezegd in zee; De jongens moesten op blote voeten het strand op, verbrandden hun poten aan het bloedhete zand en liepen vervolgens de zee met haar in. Daar werd ze gezegend, en de matrozen moesten ondertussen uitkijken dat terwijl ze, met opgerolde broekspijpen, midden in de branding stonden, met dat onmeunig zware ding, niet omkukelden; Het was aardig hilarisch om te zien hoe ze zich met moeite staande hielden, maar toch de serieuze katholieke blik er ‘op’ hielden.
Mijn broer had genoten van deze 2 dagen;
Er waren wat inwoners geweest die hij hoorden zeggen: ‘Mira Roberto’, vrij vertaald:Kijk daar loopt Bammetje!’

Die feestweek was superleuk;
Er waren ook een aantal avonden dat er een stier door het dorp liep.
Uren voordat de stier de straten ingelaten werd, stond hij ergens een stuk buiten het dorp in een hokje. Vrienden namen mij mee naar die woedende stier; Het beest schopte en bonkte uren tegen de wanden, ik voelde me heel stoer om er dichtbij te staan, terwijl er natuurlijk helemaal niets kon gebeuren.
Het hele dorp werd afgezet met barricades, waar je lekker op kon zitten en de boel aanschouwen. Maar er waren natuurlijk genoeg mensen die het aan durfden om door de straten te rennen en de stier gek probeerden te maken.
De mannen uit het dorp wisten heel goed hoe het werkte, deden dit al van kleins af aan, dus hen overkwam niets, maar de toeristen daarentegen gingen altijd net te ver, hadden soms ook al teveel gedronken. Het was slechts wachten op ongelukken. Je zag dan van dichtbij hoe zo iemand op de horens genomen werd en voor half dood werd achtergelaten met totaal gescheurde kleding door de briesende stier. En dit alles in minder dan een minuut; Korte metten wilde dat beest dan met je maken, als hij je te pakken had, maar werd altijd weer pijlsnel afgeleid door mensen in de buurt zodat de schade aardig beperkt bleef.
Een Duitse toerist bijvoorbeeld, wilde dit gebeuren op de gevoelige plaat vastleggen maar vergat dat als hij door de lens keek, de stier nog ver weg leek, de werkelijkheid was even anders: Dat beest stond al vlak voor z’n neus en zo werd hij ff lekker op de horens genomen en door elkaar gerammeld.
Op het einde van de avond was zo’n stier bek en bekaf, zodat hij tammer en tammer werd en uiteindelijk kwam er een matador die hem de doodsklap toediende met die prachtige speren. Er werd flink geklapt door het uitzinnige publiek.

Toen het dier eenmaal dood was durfde ik er dichtbij te komen; Daar ligt dan zo’n bakbeest met de poten omhoog in inmiddels rood geworden zaagsel. Het gekke is, dat als je midden in zo’n cultuur verzeild bent geraakt, je het allemaal heel normaal vindt wat er zich zoal afspeelt.
Ik kwam zelfs een keer met een afgesneden oor thuis. Ik moet er nu niet meer aan denken. Maar ja, toen was het heeel gaaf! En dan kwam ik weer een jaar later, aan met haren van zijn staart. Ik geloof niet dat ik het mee naar huis genomen heb en daar ooit een spreekbeurt over heb gehouden.

En als de stier eenmaal opgeruimd was, gingen we aan: la sopa! Een souper bij mensen thuis. ja en dat werd altijd heel laat.
Het was enorm gezellig maar uitslapen was er helaas nooit bij, want we dreven al heel vroeg de tent uit van de hitte. Dan maar verder slapen op het strand.

De dagen vliegen voorbij en we willen met z’n allen nog lange niet naar huis. We denken niet eens meer aan thuis, want thuis is nu Moncofar!

Volgende week maar weer eens kijken wat we beleefd hebben daar, voor mijn gevoel is het wel 100 jaar geleden!

Tot volgende week! veel liefs xxx

 

Advertenties